A. In het voorjaar en de zomer op de snoekbaars.

Vanaf de laatste zaterdag van mei mogen we de snoekbaars weer achter de schubben zitten. De bijna 2 maanden rust doen me vaak goed, al moet ik eerlijk toegeven dat het wachten op het snoekbaarsvissen de laatste weken steeds moeilijker wordt. Daar de meeste viswateren in mijn omgeving waar ik vis voor het grootste gedeelte ondiep zijn spreekt het voor zich dat ik vanaf de 1e visdag vaak op de ondiepste gedeeltes van het water ben te vinden. In de meeste gevallen spreek ik dan over dieptes van minder dan 1,5 meter. Als de snoekbaars nog op de paaiplekken zit - hetgeen bij een gewoon tot koud voorjaar - vaak het geval is, dan zoek ik de door mij op kaart gezette paaiplekken af naar de snoekbaars. Deze paaiplekken bestaan op de wateren waar ik vis vaak uit een bodem met stenen, takken en ander vuil, waarop de snoekbaars haar kuit afzet. Daar ik al slepende vis bemerk ik al vrij spoedig of ik de juiste plek vis. Ten eerste voel je aan het stoten en vast gaan zitten van het sleeplood dat je op een goede plek vist, maar nog belangrijker voor mij is dat ik af en toe een zwartachtige/draderige substantie aan mijn haak of lood aantref. Deze begroeiing zet zich vast op de stenen,takken die zich op de paaiplekken bevinden. Soms zie je hierop ook al afgezet kuit zitten. Meestal zijn het alleen de donkere mannetjes nog die je op de paaiplekken aantreft, maar bij een niet al te warm voorjaar zijn er ook nog meerdere - vaak zwaargebouwde - vrouwtjes aan te treffen.

Snoekbaars zit graag ondiep bij stenen en schelpen

Een tussen de stenen weggehaalde snoekbaars op een rivier!

De snoekbaarzen worden bij regelmaat ook tussen of tegen het riet gevangen. De 1e reden hiervoor is dat de snoekbaars hier gepaaid heeft of gaat paaien (de mannetjes blijven nog geruime tijd in de buurt), maar bovendien zit er tussen het riet nu vaak het meeste voedsel in de vorm van aasvis en is er dus vaak een lekker hap te vinden voor de snoekbaars. Het valt mij elk jaar weer op dat er bepaalde tijden zijn op een dag dat de snoekbaars actief of aanwezig is, terwijl je daarna op dezelfde plek vaak uren lang geen actie hebt. Het bij regelmaat verkassen van enkele tientallen meters levert meestal een beter resultaat op dan het constant op dezelfde plaats blijven vissen. De paaiplekken die midden op de meren lig waar ik vis worden de laatste jaren helaas bijna altijd leeggevist door stropersnetten. Mijn voorkeur gaat naar deze plaatsen uit omdat er meerdere vissers zijn die deze plaatsen niet nauwkeurig weten te vinden. Een nauwkeurige tekening zorgt er hierbij voor dat ik de plaats terug kan vinden. De wind is hierbij vaak een negatieve factor. Heb je een stek uitgetekend bij Zuidwesten wind en is de wind nu bijvoorbeeld Noordoost, dan moet je in gaan schatten hoe je moet gaan liggen om voor de wind naar de juiste stek toe te kunnen vissen. Op ten duur het je voor meerdere stekken tekeningen vanuit alle windrichtingen.

Ondiep tegen het riet kun je de snoekbaars vangen met kunstaas

Een mooie snoekbaars heeft het plugje gegrepen vlak tegen het riet!

Is het een vrij warm voorjaar geweest dan staat het gemaal bij Tacozijl soms al open en kun je daar je geluk beproeven. Je kunt hier de snoekbaars op de paaiplekken aantreffen 2 - 4 meter. Maar als ze hier niet meer zitten dan zijn er meerder stekken waar de snoekbaars aan te treffen is op het nu vrij sterk stromende water.

 

Terug naar het hoofdstuk jaargetijden!

Terug naar de inhoudspagina!