W. Techniek een vervolg!

Er zijn 2 soorten aas waarmee je de snoekbaars kunt belagen 1. Kunstaas en 2. Dode aasvis, stukken vis of stukken/stukjes vlees e.d. zoals repen spek. Welke techniek je binnen groep 1 ook toepast, je doel is hierbij middels het bewegen van je kunstaas te zorgen voor trillingen onder water waardoor de snoekbaars wordt aangezet om je kunstaas te grijpen. Realiseer je hierbij dat ook een shad waarvan je meent dat deze stil en dus zonder beweging in het water hangt, nog altijd zorgt voor trillingen onder water veroorzaakt door o.a. het bewegen van je boot/hengel of door stroming in het water. Natuurlijk zijn bij de/deze kunstaasvisserij ook de snelheid waarmee wordt gevist en de vorm van de shad o.i.d. (meer of minder trilling) te variëren. Als extra aantrekkingskracht kan/zal hierbij nog gebruik gemaakt worden van kleur en geur, deze zijn mijn inziens echter van ondergeschikt belang. Kenmerkend voor het vissen met kunstaas is dat het aas zich maar een korte periode op een bepaalde plaats zal bevinden. Door middel van herhaling zijn er mogelijkheden (o.a. verticalen, diagonalen, werpen) om het aas meerdere keren over globaal dezelfde plaats te laten gaan. Ten opzichte van het vissen op snoekbaars met kunstaas heb je bij het vissen met dode aasvis, stukken vis of stukken/stukjes vlees echter een extra mogelijkheid. Ook hier kun je de dode aasvis of het stuk vis e.d. door middel van beweging, trillingen onder water laten maken (eventueel gecombineerd met de aasvis kleuren en geuren), tevens zijn ook hier variatie in de snelheid van het binnen vissen en de vorm of het formaat van de aasvis of het stuk vis (meer of minder trilling) extra variabelen. Daarnaast kun je ook hierbij er voor zorgen dat het aas vaker, maar dan ook weer kortdurend zich globaal over dezelfde plaats begeeft (vb. werpen/slepen/hoempie ploempie/driftend enz.) Dit om zodoende de snoekbaars aan te zetten tot aanbijten. Daarnaast echter is het met dit aas (dode aasvis e.d.) mogelijk om de snoekbaars aan te zetten tot aanbijten hoofdzakelijk veroorzaakt door de geur/het geurspoor van de dode aasvis of het stuk vis. Ook hierbij kan eventueel de kleur van de aasvis en/of het zicht van de snoekbaars een ondergeschikte rol spelen. Op deze manier heb je in tegenstelling tot bij kunstaas de mogelijkheid om aas voor langere duur constant op dezelfde plaats te laten liggen of hangen (zinkend of drijvend).

Tijdens de periode dat het definitieve verbod op het gebruik van levende aasvis in de maak was hebben onze hengelsportorganisaties uitgebreid reclame gemaakt voor het vissen met kunstaas op roofvis. De geluiden: "kunstaas is een goede vervanger voor het vissen met (levende) aasvis" waren daarbij niet uit de lucht.  Uit de bovenstaande alinea blijkt dat je inderdaad met kunstaas d.m.v. het veroorzaken van trillingen onder water bij de snoekbaars een aanbeet kunt uitlokken, dezelfde mogelijkheid als bij het vissen met dode aasvis. Met kunstaas zul je echter niet de mogelijkheid hebben om net als bij het vissen met dode aasvis e.d. je aas langere tijd constant (zinkend of drijvend) op dezelfde plaats aan te bieden. En het nabootsen van een levende aasvis aangeboden onder een dobber of passief aan een sleephengel is al helemaal niet aan de orde.

Vooral bepaalde tijden van het visseizoen zijn op nogal wat Friese grote wateren de snoekbaarzen in het geheel niet geïnteresseerd in (bewegend) aas of het nu kunstaas is of in beweging gebrachte dode aasvis, het aasaanbod is daarvoor op dat moment gewoon veel en veel te groot. Op dat soort momenten zou een passief en dus bewegingsloze dode aasvis of stuk vis nog wel eens regelmatig voor verrassingen kunnen gaan zorgen. Vooral de grotere exemplaren - die graag over en/of vlak bij de bodem schuifelen op zoek naar iets eetbaars - zullen regelmatig deze dode aasvis maar al te graag naar binnen werken.

Wel wil ik nog graag een mogelijk pluspunt noemen van kunstaas t.o.v. het vissen met dode aasvis. Bij kunstaas - uitgezonderd bij het dropshotten waarbij je voor het aanslaan even moet wachten totdat je aanslaat - sla je direct aan bij al hetgeen op een aanbeet lijkt. Dit gecombineerd met naast een haak vaak 1 of 2 dreggen of 3 dreggen zonder een enkele haak, kan je het vangen van snoekbaarzen opleveren die je met dode aasvis niet gevangen had omdat de snoekbaars alleen maar nieuwsgierig is naar het aas en het daarna snel weer loslaat.

Samengevat is mijn mening dat je op de Friese meren (veel) beter af bent (qua vangst in aantallen en lengte) als je met name buiten de topperiodes voor en na de paaiperiode de snoekbaars alleen zou belagen met passief geviste dode aasvis, stukken vis e.d., waarbij je de dode aasvis of het stuk vis dus langdurig op dezelfde plaats aan gaat bieden.

 

Terug naar het hoofdstuk diversen!

Terug naar de inhoudspagina!