E. Archief geurstoffen:
Parfum voor piraten geschreven door Frits Breugel in 1996Shads perfectioneren geschreven door Henk Simonsz in 1998
Parfum voor piraten:
Dat juist de luchtjes zo belangrijk zijn bij het vissen met natuurlijk aas, is algemeen bekend. Veel hengelaars realiseren zich echter niet dat een uitgekiend "roversparfum" ook het kunstaasvissen kan verbeteren.
Gummi- of plastic visjes, de zogenaamde shads, zijn zo vangkrachtig gebleken dat ze in geen enkele kunstaaskoffer zouden mogen ontbreken. De vangkracht van het plastic is echter nog te verhogen door de toevoeging van geur- en smaakstoffen, de bekende flavours. De grondgedachte: elke vis is in staat geuren via het water te signaleren. Het probleem daarbij is dat de meest plastics al vanuit de fabriek een tegennatuurlijk luchtje en smaakje meekrijgen. Om nog maar te zwijgen van de nicotineluchtjes, de zweetsporen of de aftershaverestjes die wij als sportvisser aan ons kunstaas toevoegen. Het is derhalve beslist de moeite waard om deze vreemde geuren met een speciaal ontwikkelde smaakstof af te dekken. Er zijn diverse mogelijkheden. Voor het gemak van de sportvisser zijn er inmiddels twisters en shads die al tijdens de fabricage worden voorzien van afgewogen geur- en smaakstoffen. De zogenaamde "Power Baits" van Berkley bijvoorbeeld, zijn door en door voorzien van visolie en andere flavours. Tijdens het vissen geeft het kunstaas deze aantrekkelijke luchtjes af en weet zo, naast de visuele prikkel, een aanbeet ook via het reukorgaan van de vis af te dwingen. Bovendien wordt ervan uitgegaan dat geur- en smaakstoffen ervoor zorgen dat de roofvis het aas een fractie langer in de bek houdt. Net iets meer tijd om succesvol de haak te zetten. Toen dergelijk kunstaas voor het eerst op de Europese markt verscheen, werd er met de nodige scepsis gereageerd. Het was weliswaar bekend dat ook de roofvis zich bij de prooikeuze voor een belangrijk deel door de neus laat leiden, maar kunstaasvissers die succesvol waren met het niet behandelde plastic konden zich moeilijk voorstellen dat het nog beter kon. Ik dacht daar net zo over. Maar tijdens een vistrip naar Spanje raakte ik overtuigd van de potentie van het spul. Ik bevis de Spaanse stuwmeren al jaren met plastic kunstaas en niet zonder succes. Maar de echte kapitale vangsten boekte ik toch pas na het gebruik van gearomatiseerde siliconen. Het viel me bovendien op dat de aanbeten over het algemeen beduidend agressiever waren en mijn missers liepen drastisch terug. Natuurlijk is het ook mogelijk om plastic kunstaas zelf te voorzien van een aantrekkelijk luchtje. Twisters kunnen we bijvoorbeeld thuis een smaakbad geven of aan de waterkant bedruppelen. Het nadeel is evenwel dat de geur- en smaakstoffen niet werkelijk in de siliconen dringen en in het water nogal snel vervliegen. De weekbaden willen wel helpen, maar groter kunstaas voorzie ik met een scherp mes van enkele sneden waar de lokstoffen wat dieper kunnen indringen en op deze manier iets minder snel oplossen.
Praktijkvondsten
Het spreekt voor zich dat ook de klassieke methode met de injectienaald de moeite van het proberen waard is. Een derde mogelijkheid, de knutselvariant, bestaat uit het inbrengen van met lokstoffen doordrenkte watten of schuimfolie. Bij de keuze van te gebruiken lokstoffen komt de persoonlijke praktijk van elke sportvisser om de hoek kijken. Zelf gebruik ik gemakshalve vaak de kant-en-klare preparaten, voor speciale soorten ontwikkeld. Maar natuurlijk kan er ook gemengd worden. Elke hengelaar zijn eigen roversparfum, bestaande uit verschillende componenten. De smaakstoffen op oliebasis zijn er inmiddels met wormluchtjes, lever-, krab- en vissmaak en het einde is nog niet in zicht. Daar de dierlijke olie bijzonder sterk ruikt en smaakt, kan deze zonder verdere toevoeging worden gebruikt. Wie echter lokstoffen wil mengen en dan met water verdunnen, kan niet om de zogenaamde emulgatoren heen. Deze stoffen verbeteren het bindvermogen (emulsie) van onze toevoegingen met water en zorgen als het ware voor een zalfje dat in water langer standhoudt. Belangrijk bij deze werkwijze is dat de dosering goed in het oog wordt gehouden. Uit ervaring weten we dat de dosering voor stromend water hoger mag zijn dan voor stilstaand water. Ook troebel water en hoogwater vraagt om een extra prikkel. Hoe het ook zij, ook hier geldt: te veel van het goede kan alleen maar schaden. Wees daarom voorzichtig in de keuken en laat je leiden door de doseringsvoorschriften van de fabrikanten. Het heeft geen enkele zin de vis met een flavourbom naar de verste uithoeken van het viswater te verjagen. Andersom zal het zo nu en dan nodig blijken de geur- en smaaktoevoegingen te verversen, omdat al na enkele uren hengelen het effect is teruggelopen. Daarnaast is het slim om het gearomatiseerde kunstaas luchtdicht verpakt te bewaren. Dat geldt voor de Power Baits, maar natuurlijk ook voor onze zelf geprepareerde roverparfums.
Frits Breugel
Terug naar het begin van de pagina "Archief geurstoffen"
Shads perfectioneren:
Ken je dat onrustige gevoel tijdens het vissen met shads? De shad zit niet helemaal naar je zin gemonteerd. Hij zit maar ietsje scheef, maar toch... net niet helemaal perfect. De rughaak is ook niet zo scherp meer als hij zou moeten zijn, en het staartdregje zit aan een net iets te lang lijntje. Ook zag je tijdens het bevestigen van de shad, dat de wartel niet helemaal perfect sloot. Het was maar iets, maar toch... net niet helemaal perfect.
Je vist nog even door, maar het is eigenlijk helemaal niet naar je zin. Het is moeilijk je te concentreren, vervolgens mis je nog een aanbeet oo, en dan gebeurt toch het onvermijdelijke. De hele handel wordt eraf gesloopt en het kost kostbare vistijd om alsnog een goed geprepareerde shad te maken. Trouwens, aan de waterkant of in de boot een goed geprepareerde shad maken vind ik sowieso een crime. Typisch een gevolg van een slecht voorbereide visdag. We maken het allemaal wel eens mee en het kost je vis. Soms kom je zelfs de hele visdag niet meer in je ritme...
Vertrouwen in het kunstaas is volgens mij van wezenlijk belang. Dat is voornamelijk een gevoelskwestie maar werkt echt door in je manier van vissen. Heus, wanneer de spullen perfect voor elkaar zijn vis je vele malen beter. Vandaar ook dat mijn vismaat en ik net zo lang zochten tot (in dit geval) veel voorkomende "shadproblemen" worden verminderd. Ook experimenteerden, we met reukstoffen. Je ziet het vaak wanneer ze goed bijten. Je begint met perfect materiaal en een perfecte (kunst)aas aanbieding. De shad ziet er gelikt uit en dan komen de eerste aanbeten. Er zit er een bij met een gigantische dreun en deze wordt gemist. Bij het ophalen is het al te zien. De shad is half van de haak getrokken. Hij wordt teruggeschoven en dan ontstaat het probleem... Je krijgt hem niet goed meer aangedrukt. Je zult zien dat hij steeds vaker verschuift op de loodkop en daar baal ik dan geweldig van. Het lijkt pietluttig, maar het is o zo belangrijk, als je tenminste goed vis wil vangen!
Lijmen:
Een simpele, maar doeltreffende oplossing is lijmen! Je schuift de shad iets naar achteren, bevestig wat tweesecondenlijm (Loctite) op de binnenrand van de loodkop en duw de shad even goed aan. Twee seconden is echt genoeg, en je hebt een fraaie montage. Een schitterende, gestroomlijnde shad zoals die eigenlijk moet zijn, en hij blijft nu ook zitten! Geloof me, dat vist echt heerlijk! Snoek en snoekbaars mogen nu proberen hem te "mollen", maar dat betekent voor hen dat ze eerst op de kant of in de boot op de foto moeten. Trouwens die lijm is echt een wondermiddel voor shads, want scheuren en beschadigingen repareer je in een handomdraai. Een klein druppeltje, even aandrukken en je shad is weer als nieuw. Tijdens de wintermaanden worden de staarten van de grote shads ingekort. In deze periode hebben ze te veel actie, dus gewoon een stuk er tussen uitknippen, opnieuw aanlijmen en je hebt een zeer goede (grote) wintershad. We hadden het net over reukstoffen op kunstaas waar we mee experimenteerden. En dat is echt een hartstikke interessante materie voor de toekomst. Er is natuurlijk wel al het één en ander op de markt, maar toch vrij beperkt en eenzijdig. Veel mensen halen hun schouders op over reukstoffen op kunstaas. Maar er zijn veel te veel karpervissers die hun lijn met vismeelboilie binnenhaalden waarna er een (vaak grote) snoek of snoekbaars op knalde. Maar ook wanneer diezelfde boilie statisch wordt aangeboden wordt hij regelmatig door (vooral) snoek gepakt. Kijk, in het begin werd er ook lacherig gedaan over ratelend kunstaas. Het begon met 1 of 2 kogeltjes die nauwelijks geluid maakten en moet je nu eens kijken! Afgelopen seizoen hebben we ons helemaal suf gevangen aan een superratelaar.
Nazwemmers:
Ook zijn er andere feiten die ons bezighouden en waar veel voorbeelden van bestaan. Waarom zijn er zoveel "nazwemmers"? Veel, ja echt veel meer dan we in de gaten hebben. Je zou schrikken als je eens wist hoeveel roofvissen op een visdag achter je kunstaas aanzwemmen zonder dat je dat in de gaten hebt. Allemaal dressuur? Lijkt me sterk! Mensen die in zeer helder water hebben gevist, worden soms gek van die nazwemmers, soms tot enkele centimeters achter het kunstaas. Waarom wordt dat aas dan niet gepakt? Misschien dat het teveel afwijkt van natuurlijk aas, maar het kan evengoed zijn dat het kunstaas geen of te weinig (vis)lucht afgeeft?
Tachtigers
Sportvriend Frank Caes, maakte ook iets aparts mee wat te denken geeft. Hij vist normaal op roofvis en ging nu eens samen met zijn vader op wintervoorn. Die dag werd heel veel gevangen en de voorns werden tot het eind van de visdag bewaard in een groot leefnet. Uiteindelijk werden de voorns losgelaten en het net uitgeschud in ongeveer 6 meter diep water. Daarbij kwam een hoeveelheid schubben vrij die in het net achtergebleven waren. Direct daarop zag Frank tussen de 6 en 8 snoekbaarzen met de stekels omhoog tussen de naar beneden dwarrelende schubben het water doorklieven. En dat waren geen kleine... zeventigers en tachtigers volgens Frank, en wie hem kent weet dat hij daarin serieus is. Waar reageerden die snoekbaarzen nu opeens op? Was het de (slijm)lucht in combinatie met de glinsterende schubben en het kabaal van het net schoon slaan? Allemaal vraagtekens waaruit blijkt dat er nog zo veel te ontdekken is op dat gebied. Ondertussen hebben we ons kunstaas al ingesmeerd met praktisch alles wat op de markt is. Ook gebruiken we voorbehandeld rubber en eerlijk... er waren dagen dat degene die met die reukstoffen viste er duidelijk meer ving dan de reukloze vismaat, maar ... een weekend later was het soms weer net andersom.
Boilieshads?
Waar we tot nu toe steeds meer vertrouwen in hebben gekregen is vismeel. Vismeel voor boilies. Wanneer je het per emmer koopt kost het niet te veel. De korrels zijn ongeveer zo groot als fijn zand en het eerste wat we deden was het kunstaas enkele dagen in de meel leggen. Een keer het kunstaas in het water houden en het meel was verdwenen. Niks dus. Maar toch weten we dat snoek en snoekbaars gecharmeerd is van die lucht. Zoeken dan maar, en we vonden een (gedeeltelijke) oplossing in het gebruik van Prittstift (papierplaksel) waarmee we de rug en flanken van het kunstaas insmeren en daarna het aas in de meel dopen. Daardoor ontstaat een mooie, regelmatige afgifte van de reukstoffen in .... rustig water en bij kalme wind.
Bij ruiger weer maken we eerst een papje van hetzelfde vismeel en spuiten dit in een holte in de shad. We hebben het in glazen bakken bekeken en de afgifte is dan stukken trager. En echt, ik denk dat we op de goede weg zijn, want we hebben al veel dagen gehad dat de rovers er idioot haard op knalden bij degene die met de met vismeel behandelde shads viste.
Henk Simonsz
Terug naar het begin van de pagina "Archief geurstoffen"